De Nederlandse woningmarkt heeft sinds medio 2023 een stevig herstel laten zien. De gemiddelde woningwaarde steeg van € 434.000 naar € 537.000, een toename van bijna 24 %.
Volgens Calcasa verliep dat herstel niet overal gelijk. In de eerste fase na de prijsdaling van 2022 en begin 2023 waren juist de grote steden en hun omgeving het sterkst in opmars. Daarna verschoof het zwaartepunt naar landelijke en perifere gemeenten.
Herstel begon in en rond de grote steden
Na de dip in 2022 en begin 2023 gingen de prijzen vanaf de zomer van 2023 weer omhoog. In het derde kwartaal van 2023 was de stijging vooral zichtbaar in stedelijke regio’s.
- Groot-Amsterdam noteerde toen met 4,5 % de grootste stijging van alle COROP-regio’s.
- Ook Alkmaar en Het Gooi en Vechtstreek behoorden tot de sterkste stijgers.
- Op gemeentelijk niveau voerden Amsterdam, Amstelveen, Purmerend, Diemen en Haarlemmermeer de lijst aan.
Dat past bij het beeld dat duurdere woningmarkten in de Randstad sneller reageren op veranderende marktomstandigheden. Omdat de daling daar in 2022 en begin 2023 ook relatief stevig was, ontstond er ruimte voor een sneller herstel.
Nu komen de sterkste stijgingen uit landelijke gemeenten
Over de hele herstelperiode sinds het derde kwartaal van 2023 is het beeld duidelijk verschoven. De grote steden horen inmiddels niet meer bij de kopgroep.
Amsterdam laat van alle gemeenten zelfs de kleinste prijsstijging zien sinds de zomer van 2023. De gemiddelde woningwaarde steeg daar met 15 % en daalde in het afgelopen kwartaal met 0,7 %.
Rotterdam blijft met bijna 19 % ook achter bij het landelijk gemiddelde en liet in het afgelopen kwartaal een kleine daling van 0,1 % zien.
Daar tegenover staan gemeenten als Midden-Drenthe, Noordenveld, Pekela en Tynaarlo. Daar stegen de prijzen in het afgelopen kwartaal met meer dan 2 %. Sinds het dieptepunt in het tweede kwartaal van 2023 komt de totale prijsstijging daar uit op bijna 30 %.
Voor ondernemers kan dit relevant zijn bij keuzes rond vestiging, personeelshuisvesting, verhuur en het inschatten van regionale vastgoedontwikkelingen. Wie tarieven, bouw- of verhuisplannen afstemt op de markt, doet er goed aan meerdere opties te vergelijken. Via BedrijfNederland kunnen daarvoor eenvoudig offertes worden aangevraagd en vergeleken.
Tweede hersteljaar vaak sterker dan het eerste
In ruim 62 % van de 342 gemeenten was de prijsstijging in het tweede hersteljaar groter dan in het eerste jaar. In de overige 38 % was het eerste hersteljaar juist sterker.
In het eerste hersteljaar vielen vooral Utrecht en omliggende gemeenten op. Utrecht zelf steeg toen met ruim 17 %. Ook Nieuwegein, Amersfoort, Veenendaal, Baarn en Soest presteerden sterk.
In het tweede hersteljaar verschoof het zwaartepunt verder naar gemeenten buiten de grote stedelijke kern. Gemeenten als Culemborg, Tiel, Borger-Odoorn, Aa en Hunze, Buren en West Betuwe stonden toen bovenaan. Ook veel Groningse en Drentse gemeenten lieten sterke stijgingen zien.
Groningen en Drenthe springen eruit
Vooral Groningen en Drenthe vallen op in het herstel. In de eerste herstelmaanden behoorden verschillende regio’s in de provincie Groningen al tot de snelst stijgende gebieden. Daarna zette dat door.
- In 2025 lagen de sterkste kwartaalstijgingen vaak in Oost-Groningen, Delfzijl en delen van Drenthe.
- De gemeente Groningen noteerde over de periode een prijsstijging van ruim 28 %.
- Assen kwam ook uit op ruim 28 % en was daarmee de grootste stijger in Drenthe.
In Zeeland en Zuid-Limburg was ook sprake van herstel, maar in lager tempo. In Zeeuwsch-Vlaanderen en Overig Zeeland bedroeg de prijsstijging sinds medio 2023 respectievelijk 18 % en 20 %.
Utrecht blijft de uitzondering onder de grote steden
Binnen de grote steden springt vooral Utrecht eruit. Amsterdam kende direct na de prijsdaling weliswaar een snel eerste herstel, maar bleef daarna achter.
Utrecht liet juist een ander patroon zien. De stad kende vooral in 2024 een krachtig herstel en is met afstand de sterkste stijger onder de grote gemeenten.
De totale lijn is daarmee duidelijk: het herstel van de woningmarkt begon in de stedelijke regio’s, maar ligt inmiddels vooral in Utrecht, Groningen, Drenthe en meerdere meer landelijke gemeenten.